De absurdistische kunst van Sammie Sophie: ‘Normaal flikker ik het gewoon op een muur met een spijkertje of wat plakband’

Geplaatst op 14 juli 2019 Door In Talent uit Arnhem, Talenten

Halsoverkop komt Sammie van haar stage geracet. We hebben afgesproken bij haar thuis, een kamer in de buurt van Park Sonsbeek. Lachend lopen we de tuin door, terwijl haar sleutels nog in het slot van de tuindeur bungelen. “Wat is je insteek voor dit interview”, vraag ze. Tja, haar kunst natuurlijk, maar gaandeweg neemt het gesprek een wat andere wending, wat haar als persoon wel typeert.

Hoe is je kunst zo’n beetje ontstaan?
Vroeger had ik al stripboeken van de Nederlandse cartoonist Gummbah. Zijn absurdistische en enorm komische werk inspireerde mij zeker bij het maken van mijn eigen werk. Slechts een selectief groepje mensen vindt mijn tekeningen denk ik grappig. De rest vindt er niets aan, of reageert er juist heftig op, zelfs gechoqueerd. Dat vind ik altijd vermakelijk om te zien. Die eerste blikken van het publiek als ze mijn kunst zien, en dan vooral de gemengde reacties. Zo nu en dan wordt mij in alle serieusheid gevraagd of het wel goed met me gaat, of ik nog wel goed bij mijn hoofd ben. Hilarisch toch?

Regelmatig maak ik vieze, echt gore tekeningen. Maar provoceren is niet echt mijn bedoeling. Mijn werk ontstaat vooral uit mijn persoonlijke afschuw van veel esthetische kunst. Ik weet nog goed dat ik vroeger leerde om netjes gezichten te tekenen, maar dat vond ik al snel zo enorm saai worden. Toen begon ik met het toevoegen van rimpels en dikke puisten, wat escaleerde in tieten en piemels en bizarre combinaties daarvan. Wat ik maak, moet goor en pervers zijn. En als mensen dan ontdekken dat het gemaakt is door een kleine, vrij normale meid, dat vind ik lachen. Geeft zo’n lekker contrast. Dat onverwachte, dat houd ik van.

Werk je ook in opdracht?
Soms krijg ik opdrachten, en ik doe weleens mee aan projecten en exposities waar ik spontaan voor word gevraagd. Een tijd lang wilden kennissen ook tatoeages van mijn tekeningen laten zetten. Zo heeft een vriendin een grote tattoo van een van mijn tekeningen op haar been laten zetten. Ook krijg ik regelmatig de vraag of ik iemand kan tekenen. Vaak heb ik daar helemaal geen zin, en dat komt dan meestal door de manier waarop iemand mij dat vraagt. Zo van: ga jij maar tekenen, want jij kan tekenen.

Lastig, want ik kan natuurlijk niet alles gratis doen. Dan neemt niemand je meer serieus. Laatst wilde een meid een tekening voor haar huwelijk hebben, en zoiets waardeer ik. Maar dan moet ik toch een prijs gaan vragen. En daar ben ik zo slecht in, ik gun mensen teveel. Dus ik heb mezelf er maar bij neergelegd dat ik geen autonoom beeldend kunstenaar meer ga worden. Daar ben ik echt niet zakelijk genoeg voor.

Ben je blij met de dingen die je maakt?
Ik schets nooit, dus ik heb een ideetje in mijn hoofd en dan kom ik er halverwege wel achter of ik er blij mee ben. Heel soms heb ik zoiets van: dit heb ik echt goed gedaan, hopelijk gaat iedereen het zien. Nu gaan jullie verdomme lachen ook! Een gevoel van trots had ik voor het eerst toen ik voor een expositie in Utrecht allemaal lijsten en passe-partouts kocht. Opeens zag het er professioneel uit, iets waar ik toch even bij stil moest staan. Normaal flikker ik het gewoon op een muur met een spijkertje of wat plakband.

Wat is er naast kunst echt belangrijk voor jou?
Sociaal werk is heel belangrijk voor mij. Daar heb ik dan wel weer een echt onderbouwde mening over. Binnen de zorg kan ik echt iets toevoegen, betrokken zijn. Dat komt ook omdat ik zelf als cliënt in de zorg heb gezeten. Werken in de zorg boeit me echt, want ik vind anderen belangrijk. Wanneer ik wat kunst verkoop, dan vind ik dat misschien voor hooguit een uurtje leuk. Het geld doet me niet zoveel, en van die kunst zie ik toch niets meer terug. Maar…als ik een kind kan laten lachen dat al een week niet heeft gelachen, dan voel ik me daar zelf een week lang goed over, ook al klinkt dat egoïstisch. Dat is echt iets waar ik….ik wil het woord eigenlijk niet zeggen, ik háát het woord zó erg. Maar dat is iets waar ik een oprechte passie voor heb. Getver, het klinkt zo sappig, zo GTST.

Eigenlijk kan ik me ook geen wereld voorstellen zonder kunst. Daarom combineer ik kunst en zorg zoveel mogelijk. Maar ik wil me niet teveel mengen in de ‘kunstwereld’, want dan moet ik me continu bewijzen en onderscheiden. Daar voel ik echt niets voor. Ik wil me niet meer bewijzen. Na mijn pubertijd, waarin ik me heel klote voelde, ga ik anderen echt niet meer overtuigen dat ik tof ben. Ik kan een ander veel beter overtuigen dat ze wél wat waard zijn, dat is het mooiste wat ik kan doen.

Denk je weleens dat je gek bent?
In welk opzicht? Ik denk het vaak genoeg, daar niet van. Ik loop mezelf ook heel vaak voor de voeten, puur door hoe ik denk. Nee, dat is geen goede leidraad, want daardoor mis ik dingen die ik misschien wel heel leuk zou vinden. Maar dan heb ik bij voorbaat al besloten dat ik iets stom vind. Het komt ook nooit voor dat ik iets he-le-maal fantastisch vind. Ik heb veel uitgesproken meningen, maar ik verdiep me dan totaal niet in de onderwerpen waar ik al die meningen over heb. Lekker hypocriet hé?

Daarbij voel ik me vaak niet de aangewezen persoon om ergens ‘iets’ van te vinden, ik bemoei me liever met mezelf en de dingen waarbij ik écht betrokken ben. Daar ben ik dan ook weer enorm tegenstrijdig in, want aan de ene kant vind ik dat mensen hun eigen ding moet doen, zonder bemoeienissen. Aan de andere kant irriteert het me mateloos dat wanneer er iets gebeurt, er niemand opstaat en zijn stem laat horen. Ik doe dat wel, terwijl het vaak veel gemakkelijker zou gaan als ik mijn principes en meningen gewoon eventjes aan de kant zet. Dan had ik bijvoorbeeld eerder een studie afgerond, of meer vrienden en minder ruzie gehad.

Verder ben ik ook wel blij dat ik geen twijfelkont ben. Ik hak liever een knoop door en kijk daarna wel of dat goed uitpakt. En ik laat al helemaal niet meer over me heen lopen, die tijd is voorbij.

Hoe verliep jouw schooltijd?
Eén groot drama, iets anders kan ik er niet van maken. Op de basisschool ben ik echt ieder jaar hard gepest. Ik was zo’n kind dat snel moest huilen, en sommige kinderen vinden zoiets simpelweg uiterst vermakelijk. Niet bepaald goed voor mijn zelfvertrouwen, maar dat laat zich wel raden. Ik dacht heel naïef dat het op de middelbare school compleet anders zou gaan. Maar ik was, en ben nog steeds, dezelfde persoon. Er veranderde dus geen zak aan de hele situatie, en op een gegeven moment bereikte ik mijn kookpunt. Terwijl ik mijn best bleef doen, gingen mijn cijfers achteruit en vonden leraren mij maar een domme meid.

Mijn moeder stelde voor om fotografie op het mbo te gaan doen, maar ik vond mezelf te slim voor het mbo, daar hoorde ik toch niet thuis, kom zeg! Dat was een klotetijd, ik moest naar een psycholoog en was een neerslachtig hoopje mens. Na wat onderzoek bleek dat ik ADHD had. Kreeg ik allemaal pillen, maar geen therapie. Ik was een soort zombie geworden, school trok ik ook totaal niet meer. Daarom nam ik een tussenjaar. Toen was ik nog geen achttien, dus ik smeedde het plan om vrijwilligerswerk te gaan doen, in combinatie met de vooropleiding van de HKU.

Nou, de KHU wilde mij wel hebben, en Sammie was in die periode weer een blije meid. Alles veranderde. Ik kon gewoon meekomen en werd niet stom gevonden door mijn medestudenten. Op de kunstacademie is iedereen enorm gemotiveerd, er is veel onderlinge stimulatie. Het ging goed met mij.

Door een vervelend voorval moest ik twee jaar geleden stoppen met de HKU, zonder een diploma op zak. Ik weet dat een diplomaatje nodig is om in de zorg aan het werk te kunnen gaan. Nu ben ik bijna klaar met een verkorte opleiding binnen de zorg, die ik koste wat het kost ga halen.

Er zijn waarschijnlijk ontelbaar meer mensen die een stuk regelmatiger pech hebben dan ik dat heb, en daar doe je helemaal niets aan. Toch ben ik wel dankbaar voor alle pech die ik heb gehad. Dat heeft me gevormd tot de persoon die ik ben. Ondanks dat zo’n rugzakje af en toe enorm onhandig is, ervaar ik er meer diepgang door in mijn leven. Ik kan het ontzettend waarderen als anderen dat ook hebben. Maar dat verschilt ook echt per persoon. De een praat erover, terwijl de ander zoiets opkropt.

Veel mensen komen nooit echt uit over hun verleden en dat volle rugzakje. Dat is een terechte persoonlijke keuze. Maar ja, zulke dingen delen, kan anderen juist ook helpen. Zoiets kan twee kanten opgaan: of de vinger naar een ander wijzen, of zelf iets aan de situatie doen. Ik besefte op een gegeven moment dat ik optrok met destructieve mensen. Die zijn lekker makkelijk om mee om te gaan; boos op de wereld en quasi-tevreden met in de put zitten. Want zogenaamd kunnen ze er zelf niets meer aan doen. Dan loop je dood. Nutteloos.

>> www.sammiesophie.com
>> Sammie Sophie op Instagram

Tekst: Anna Mercedes 
Beeld: Sammie Sophie ©

Tags : , , , ,

Reacties